Bouwfuckers
“Geen pensioen, geen AOW, de ijzersterke bouwvakker die moet nog jaren mee”, zingen
de zes Bouwfuckers. “We gaan niet alleen voor een leuke meezinger maar ook voor
de inhoud. In Zeg maar dag… ageren we tegen het feit dat we straks langer
moeten doorwerken. Tegen de tijd dat wij 65 jaar zijn, is de AOW
wegbezuinigd.” (Bron de Stentor)
Een lekkere carnavalshit “Zeg maar dag” van de Bouwfuckers in de Ultieme Top 40. Prima lied als je flink gedronken hebt. Want als je er nuchter naar luistert, hoor je stemmen uit de vorige eeuw. De tijden van vakbonden en vakantiebonnen.
Het beroep van bouwvakker wordt altijd afgeschilderd als een zwaar beroep. Maar ik betwijfel dat.
Samen een verstandige werkgever en door gebruik te maken van de goede ARBO-regels kan het vak in de bouw prima heel lang worden uitgeoefend. Helaas zie je dat
bouwvakkers zelf vaak door eigen schuld hun eigen vak zwaar maken. Loop maar
eens langs een bouwplaats en kijk hoeveel bouwvakkers de bouwregels aan hun
laars lappen. Verkeerd tillen en onvoldoende beschermende kleding zijn overal
direct te ontdekken.
De echte zware beroepen zijn steeds vaker te
vinden in de kantoorbatterijen op industrieterreinen. De computerfreaks die
achter hun schermen stress opbouwen. Data invoerders die RSI ontwikkelen,
Vergadertijgers waarvan de bloedvaten dichtslibben en typmiepen die
vergroeiingen aan hun rug oplopen. Bouwvakker zijn, is daarbij vergeleken een
eitje.
Al lang geleden is het credo “Arbeid adelt” er uitgeramd door
vakbonden, verzekeringsmaatschappijen en assurantieadviseurs. Vakbonden
deden dat omdat ze vonden dat eerder stoppen met werken goed was voor hun
leden. En verzekeringsbranche deed dat omdat eerder stoppen met werken
goed was voor de verzekeringsbranche.
“Deze bouwfuckers ageren steeds tegen “het feit dat ze straks langer moeten doorwerken.”
Maar heren, zouden jullie echt met mij willen ruilen?
Gerelateerde artikelen:

Beste boze meneer Doorneweerd,
Wat grappig dat u reageert op ons carnavalsnummer “Zeg maar dag…”
Wees gerust, wij willen niet met u of met wie dan ook ruilen. Wij zijn er namelijk best trots op dat we bouwvakkers zijn. Het is alleen jammer dat ons beroep zo’n slecht imago heeft, al liggen wij daar heus niet van wakker.
En er een wedstrijd van maken van wie het zwaarste beroep heeft? Och, ieder zingt z’n eigen lied.
Maar als u twijfelt aan het feit of het beroep van bouwvakker zwaar is… U kunt altijd een weekje met ons op de steiger meedraaien, het is in ieder geval gezellig. Tenminste als u niet boos en chagrijnig de keet in komt.
Met vriendelijke groet, George van Dijk (Bouwvakker en Bouwfucker)
Ik ben opgegroeid “in de bouw”. Mijn vader was zijn hele leven aannemer in Velp en mijn broer in Rheden. Zelf heb ik vele zomers mijn zakcenten in de bouw moeten verdienen. Het is dus niet nodig dat ik een weekje mee ga draaien. (Ik ben overigens alleen vóór 9 uur ‘s ochtends chagerijnig).
Volgens mij is het mogelijk om als bouwvakker heel lang en met heel veel lol in de bouw te werken.
Ik probeer al lange tijd kritisch te zijn naar iedereen die “eerder stoppen met werken” als hoogste arbeidsvoorwaarden te zien. De praktijk is namelijk dat gezonde kerels terecht komen achter een biljard tafel en om half zes uitgezakt bij moeders de vrouw achter de piepers gaan zitten.
Diep in hun hart zien ze zich dan liever weer met hun maten in de bouwkeet zitten.