Oudedagsverplichting voor DGA in 2017

UP9J4EZYNJDe onder het huidige recht in eigen beheer opgebouwde Pensioen in Eigen beheer (PEB)-verplichting kan zonder het verschuldigd worden van loonheffing of vennootschapsbelasting worden omgezet in een Oudedagsverplichting (ODV) ter grootte van de fiscale pensioenverplichting zoals die onder het bestaande PEB-stelsel is opgebouwd. Dit komt in feite overeen met het gedeeltelijk en fiscaalvriendelijk afzien van pensioenrechten in combinatie met een fiscaal geruisloze wijziging van de resterende rechten in een aanspraak ter zake van oudedagssparen.

Dit kan niet dwingend worden opgelegd maar vereist instemmen en meetekenen van de DGA en diens partner. Omdat de overgang van het PEB naar de ODV fiscaal geruisloos geschiedt, kunnen ook vennootschappen met een PEB-verplichting die een minder goede financiële
positie hebben of over weinig of geen liquide middelen beschikken, zonder belemmering meedoen.

Via het ODV kan men een oudedagsvoorziening in eigen beheer opbouwen, waarbij de oudedagsverplichting zowel fiscaal als commercieel vreemd vermogen voor de bv vormt. Hoogstwaarschijnlijk is er bij het ODV geen verschil tussen de fiscale en de commerciële
waardering.

Lijfrente. De Oudedagsverplichting mag 5 jaar voor de AOW-datum ingaan, de duur wordt dan 25 jaar, of uiterlijk na 2 maanden na de AOW-datum. Uitstel van b.v. 5 jaar is dus niet mogelijk. De Oudedagsverplichting kan op ieder moment worden aangewend voor een (bancaire) lijfrente, conform de reguliere regels voor lijfrente. Bij overlijden gaan de resterende termijnen over op de erfgenamen of moeten binnen 12 maanden ingaan, met alsdan een minimale duur van 5 jaar.

De in de bv aanwezige activa blijven volledig beschikbaar voor de bv, tenzij men een externe voorziening wil treffen ter waarborging van de belangen van de partner en kinderen. Daarvoor kan een externe lijfrente (risicoverzekering) worden bedongen, bijvoorbeeld ter afdekking van het vooroverlijdensrisico (risico-overlijdensdekking pensioen).

Dividendruimte. Bij de omzetting van het PEB in de oudedagverplichting neemt ook de dividendruimte toe, doordat de pensioenverplichting tot de fiscale waarde wordt afgestempeld. Zowel de fiscale als de civielrechtelijke dividenduitkeringstoets is inzichtelijk, waarbij de ruimte voor dividenduitkeringen makkelijk is te bepalen.

Partner. Er kan geregeld worden dat de partner van de DGA recht krijgt op een deel van de oudedagsspaarpot in geval van scheiding. Zowel in de opbouwfase als in de afbouwfase zijn er juridisch afdwingbare rechten.

De regeling voor de ODV is voor zowel de DGA als de Belastingdienst goed uitvoerbaar en begrijpelijk is, zeker in vergelijking tot het huidige PEB. Dat komt doordat het oudedagsspaarpotje is wat het is, niet meer en niet minder, zonder actuariële exercitie.


(Tips en informatie rondom de pensioenverzekering voor de DGA. 13 minuten.)

dga-pensioen-in-eigen-beheer-2017

Laat uw reactie achter