De spaarfonds leugen
door F. Kalfshoven

Onder dat motto discussiëren we dezer dagen lustig over het aflossen van de staatsschuld,
het aan het werk houden van oudere werknemers en de fiscalisering van de AOW-premie.

Dit laatste idee, in december weer gelanceerd door de Sociaal-Economische Raad (SER), houdt de gemoederen bezig, zie ik aan m'n mailbox. Veel lezers vragen zich af: dat probleem was toch al opgelost door het opzetten van het AOW-spaarfonds? De AOW was toch veiliggesteld omdat we gingen sparen? Niet dus.

En het is zeer de moeite waard om de geschiedenis van het AOW-fonds uit de doeken te doen. Het drukt ons met de neus op het nare feit dat politici soms voor echte problemen schijnoplossingen verzinnen die vervolgens voor zoete koek worden geslikt. U bent in de maling genomen. De huidige discussie over de vergrijzing is bepaald niet de eerste. Midden jaren negentig publiceerden clubs als de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, het Centraal Planbureau en de SER al dikke rapporten over de problemen van de wijzigende bevolkingssamenstelling. Oplossingen waren er destijds ook maar in drie smaken:
staatsschuld aflossen (en weer laten oplopen als de vergrijzingskosten stijgen),
langer doorwerken en herverdelen.

Deze oplossingen hebben met elkaar gemeen dat ze echt zijn en een beetje pijn doen.
Net als nu waren er destijds ruim voldoende columnisten die het probleem bagatelliseerden
of pijnloze oplossingen verzonnen. Het PvdA-Kamerlid Jan van Zijl was de kampioen van de pijnloze oplossing: hij trok, heel modern, door het land om van de sociaal-democratische achterban te vernemen hoe het vergrijzingsprobleem moest worden opgelost.

Zijn conclusie: de mensen willen sparen. Vervolgens loodste hij het idee van het AOW-spaarfonds knap door de Kamer; tijdens tweede paarse kabinet kreeg het AOW-spaarfonds kracht van wet. Dit spaarfonds, zo luidde het verhaal, zou tot 2020 worden gevuld door een jaarlijkse storting uit de algemene middelen en na 2020 weer stapsgewijs worden leeggehaald om de kosten van de vergrijzing te betalen. Vergrijzingsprobleem opgelost. Wie anno 2005 op zoek gaat naar dit AOW-spaarfonds komt terecht op de site van het ministerie van Financiën (www.minfin.nl). In de Miljoenennota 2004 staat het naast de andere zeven begrotingsfondsen. In 2005 wordt er niets aan het fonds onttrokken en doet het ministerie van Sociale Zaken een storting zodat het AOW-fonds eind dit jaar 23 miljard euro bevat. Hoe solide wilt u het hebben?

Sorry lezers, het is een farce, bedrog. De makkelijkste manier om het uit te leggen is als u zich voorstelt dat u aan de keukentafel zit en met uw partner bespreekt hoe u het geld gaat verzamelen om in de toekomst een grote betaling te kunnen doen. De opleiding van de kinderen, zoiets. Meer gaan werken en sparen spreekt u niet aan. Uw partner haalt een Jan van Zijl uit en stelt voor om een aparte boekhouding te beginnen.

Hij zegt: als we daarin opnemen dat ik elk jaar vijfduizend euro stort, dan hebben we over vijftien jaar een flink kapitaal bij elkaar. En dan spreken we af dat jij, als fondsbeheerder, na vijftien jaar steeds vijfduizend euro aan mij overmaakt. Dan hebben we geld zat voor de opleiding van de kinderen. Uw boekhouding zal er geweldig uitzien, maar als het moment van betalen is aangebroken komt u erachter dat er helemaal geen geld is om de rekeningen van de universiteit te voldoen.

U heeft een illusie geschapen, net als het kabinet destijds heeft gedaan door het AOW-fonds van Jan van Zijl kracht van wet te verlenen. Uw rol wordt gespeeld door de minister van Financiën; uw partner is minister van Sociale Zaken. In 1996 noemde ik het in deze krant al: 'Van Zijl speelt balletje-balletje met de AOW.' In Den Haag is dit alles bekend.

Lees deze vaststelling van de Studiegroep Begrotingsruimte, een verzameling topambtenaren: 'Het AOW-spaarfonds is geen echt fonds, in de eigenlijke betekenis van dat woord. Het fonds bevat immers geen werkelijke vermogenstitels. Het fonds is de facto een registratie.' Deze registratie heeft geen invloed op het financieringstekort ('de betaling aan het fonds wordt gesaldeerd met de ontvangsten') en evenmin op de staatsschuld ('omdat onderlinge financiële verplichtingen binnen de collectieve sector niet relevant zijn.').

Destijds, in 1996, confronteerde ik Van Zijl met het leugenachtige karakter van zijn pijnloze oplossing. Hij zei: 'Ik ben voor zo'n fonds, al houden zuiver economisch-inhoudelijk gezien de plussen en minnen elkaar misschien niet in evenwicht.' Want: 'de spaarpot heeft een belangrijk politiek-psychologisch effect'. Dat psychologische effect bestond er dus uit dat mensen dachten dat het vergrijzingsprobleem werd opgelost. Gratis. Is dat een leerzame geschiedenis of niet? Hoed u voor praatjesmakers.

Bron: Volkskrant - ingezonden email f.kalfshoven


Dit artikel maakt deel uit van de AOW-Nieuwsbrief (Maart 2006)