Archief van "Ondernemingsraad-pensioen"

Medezeggenschap over pensioen in kleine ondernemingen

De SER heeft een advies uitgebracht over medezeggenschap over pensioen in kleine ondernemingen. Volgens de SER zijn er verschillende mogelijkheden om de medezeggenschap of invloed van werknemers in kleine ondernemingen over pensioen te versterken.

Advies SER Medezeggenschap ten aanzien van pensioen in kleine ondernemingen
Staatssecretaris Klijnsma van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vroeg op 15 september 2016 advies aan bij de Sociaal Economische Raad (SER). Klijnsma wil weten van de SER hoe de medezeggenschap dan wel invloed van werknemers in kleine ondernemingen voor de arbeidsvoorwaarde pensioen versterkt kan worden. Onder een ‘kleine onderneming’ verstaan we ondernemingen met tien tot vijftig werknemers, die niet verplicht zijn een ondernemingsraad in te stellen.

De SER noemt nu de volgende mogelijkheden:
1. Het bevorderen van bekendheid en naleving van de bestaande bevoegdheden en mogelijkheden van de personeelsvertegenwoordiging (PVT) en/of personeelsvergadering (PV) binnen en buiten de WOR. Daar valt ook het adviesrecht onder;
2. Het versterken van enkele bevoegdheden van de PVT en/of PV binnen de WOR. Denk hierbij aan het informatierecht, de informatieplicht van de werkgever en het initiatiefrecht voor de arbeidsvoorwaarde pensioen; en
3. Het bevorderen van onafhankelijke en betaalbare informatievoorziening over pensioen.

De SER is er geen voorstander van de PVT en PV een instemmingsrecht toe te kennen bij pensioen in kleine ondernemingen. Dat zou het systeem van de WOR verstoren en kunnen leiden tot kosten-en lastendrukverhoging. (meer…)

Email this to someoneShare on FacebookShare on LinkedInTweet about this on TwitterPrint this pageShare on Google+
Ondernemingsraad-pensioen

Morgen met pensioen gaan, overmorgen met AOW

vestzak klokVanaf 1 januari 2013 liggen de AOW-leeftijd en de pensioenrichtleeftijd niet meer gelijk. Hierdoor is het voor deelnemers aan de pensioenregeling een puzzel geworden om de financiële gevolgen inzichtelijk te krijgen en alles op elkaar af te stemmen. En wie denkt dat dit maar een paar jaar gaat duren heeft het mis: de AOW-leeftijd en pensioenrichtleeftijd zullen voorlopig niet meer gelijk gaan lopen.

Situatie tot 2013
Het was allemaal zo eenvoudig. De maand waarin je de AOW ontving van de overheid was ook de maand waarin je het levenslange ouderdomspensioen zou krijgen. Geen moeilijk rekenwerk en duidelijke overzichten op een tijdlijn. Voor de oudere generatie was er vaak nog een prepensioen zodat men toch eerder kon stoppen dan 65 met behoud van een goed inkomen.

Situatie vanaf 2013
Met ingang van 1 januari 2013 gaat de AOW-leeftijd voor het eerst omhoog met één  maand. Dit zal verder op gaan lopen tot AOW-leeftijd 67 in 2021 volgens het regeerakkoord. De pensioenrichtleeftijd blijft op 65 in 2013 waardoor er dus een “gat” ontstaat van een  maand. Door de aanpassing in verschillende stappen van de AOW-leeftijd en het in één  keer verhogen van de pensioenrichtleeftijd wordt dit verschil de komende jaren alleen maar groter. (meer…)

Email this to someoneShare on FacebookShare on LinkedInTweet about this on TwitterPrint this pageShare on Google+
Ondernemingsraad-pensioen

Een vermoedelijk pensioenvermoeden

Wachten op een claimPensioenvermoeden is een element waar elke werkgever flink mee in z’n maag kan zitten. Oftewel, een werkgever met een pensioenregeling moet iedere werknemer dat pensioen aanbieden. Een heldere regel waar in de praktijk toch veel misverstanden over zijn.

In de Pensioenwet is een pensioenvermoeden opgenomen (artikel 7 lid 4). Op grond van deze bepaling wordt een werknemer geacht dezelfde pensioenovereenkomst te hebben als andere werknemers die tot dezelfde groep behoren. Dit is het geval als de werkgever verzuimt de werknemer te informeren over het ontbreken van een aanbod voor een pensioenovereenkomst. Als werknemers dus dezelfde soort werkzaamheden verrichten dan is het niet toegestaan willekeurig pensioen toe te zeggen. Er is dan sprake van een pensioenvermoeden. En een pensioenvermoeden is voldoende grond om de werkgever aansprakelijk te stellen voor het ontbreken van een pensioenregeling.

Dat probleem voor een werkgever kan natuurlijk in volle hevigheid te voorschijn komen bij overlijden of arbeidsongeschiktheid van een werknemer. Dan zal de werkgever volledig aansprakelijk kunnen worden gesteld voor de schade. De aankoop van een (niet verzekerd) nabestaandenpensioen of premievrij pensioen kan al snel honderdduizenden euro’s kosten.

Slim zijn door een afstandverklaring te laten tekenen, is helaas ook nauwelijks juridisch houdbaar. De meeste pensioenverzekeraars en pensioenfondsen eisen overigens ook altijd dat alle medewerkers worden aangemeld. Natuurlijk zijn er wel oplossingen om de groep te beperken maar zorgvuldig handelen en een goede schriftelijke vastlegging is van groot belang.

De Hoge Raad heeft er in een uitspraak op 12 augustus 2009 helderheid over gegeven.  (meer…)

Email this to someoneShare on FacebookShare on LinkedInTweet about this on TwitterPrint this pageShare on Google+
Ondernemingsraad-pensioen

Pensioenontslagbeding exit

 

PensioenontslagbedingAllen die deze zullen zien of horen lezen, saluut! Er is ook goed pensioen nieuws voor werkgevers.

Een werkgever heeft voor een pensioenontslag na 1 juli 2015 geen ontslagvergunning meer nodig. En dus is een pensioenontslagbeding in een arbeidsovereenkomst ook niet meer nodig. Het is zelfs verstandig deze niet meer op te nemen in de nieuwe en oude arbeidsovereenkomst. Dus wijzig, ook bij bestaande werknemers, de overeenkomst zo snel mogelijk.

De nieuwe wet bepaalt namelijk dat de werkgever bevoegd is de arbeidsovereenkomst op te zeggen tegen de tijd (en daarna) dat de werknemer de AOW-gerechtigde leeftijd (of de afwijkende pensioenleeftijd) bereikt (artikel 7:669 lid 4 BW).  Wanneer partijen er dus voor kiezen ook na de AOW-gerechtigde leeftijd niet met elkaar verder te gaan, heeft de werkgever zijn kans om op te zeggen wegens het bereiken van die leeftijd dus nog niet verspeeld.

Er is nog meer goed nieuws. De transitievergoeding (de vervanger van de ontslagvergoeding) is  niet verschuldigd als de arbeidsovereenkomst wordt beëindigd in verband met of na het bereiken van de van de Algemene Ouderdomswet bedoelde leeftijd of een andere leeftijd waarop voor de werknemer recht op pensioen ontstaat.

De Wet Werk en Zekerheid bevat nog een versoepeling ten aanzien van het ontslagrecht aangaande AOW-gerechtigden. De nieuwe wet bepaalt dat het opzegverbod  “ziekte” bij het zogenaamde pensioenontslag niet gelden. Oftewel: ook een zieke werknemer mag na het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd worden ontslagen. De enige beperking is dat de ziekte niet de reden voor de opzegging mag zijn, maar dat zal in de regel voor een werknemer moeilijk aan te tonen zijn.

Conclusie. Beter, goed en uitstekend nieuws over het pensioenontslagbeding. Toch blijft het oppassen want ongemerkt kunnen er in arbeidsovereenkomsten voorwaarden staan die deze soepele wijziging, juridisch kunnen ondergraven. De wetswijzigingen

Wilt u een controle, tips en trucs rondom alle pensioen, verzuim en verzekeringsaspecten in de eigen arbeidsovereenkomst of personeelsgids? Wij hanteren een vast tarief. Een emailtje met in het onderwerpveld “Pensioenontslagbeding” en u krijgt een vaste prijsopgave.

Email this to someoneShare on FacebookShare on LinkedInTweet about this on TwitterPrint this pageShare on Google+
Ondernemingsraad-pensioen

Een rumoerige pensioenpresentatie

“We zijn 65 jaar en hebben netjes onze hypotheeklening afgelost. Maar we hebben alleen een AOW uitkering en een klein pensioentje. Nu kunnen we niet rondkomen van dit geld maar willen heel, heel graag in ons huis blijven wonen. Kunnen we echt geen extra hypotheeklening krijgen?” De paniek was af te lezen aan de wijze waarop ze dicht tegen elkaar aan zaten. 

Een kleine anekdote aan het begin van een pensioenpresentatie. Het zette direct de toon want er ontstond gelijk rumoer. “Maar de hypotheeklening aflossen is toch een goed pensioenplan?”. Ja misschien wel, maar soms niet.

pc schermHet is grote groep geïnteresseerde slimme deelnemers maar plots realiseer een gedeelte zich het gebrek aan financiële kennis. Op de gezichten is de verwarring af te lezen. Plots zien ze dat de verzorgingsstaat weg is. Verdwenen in een woud van bezuinigingen, wetten en maatschappelijke veranderingen. Waar is de vertrouwde vakbeweging die in de jaren 70 en 80 van de vorige eeuw netjes voor een werknemer zorgde. Onderlinge solidariteit is vervangen door woorden als zelfredzaamheid en burgerparticipatie.

Het wordt een leven lang leren om de juiste keuzes te maken. Beleggen, bruto, netto, fiscaal aftrekbaar, fondsen, rente, AOW, pensioen, zorgkosten, toeslagen, eigen risico’s, lijfrente, arbeidsongeschiktheid, hypotheeklening, eigenwoningschuld, TER, salarisstrook, rendementen, waardeoverdracht, bancair, verzekeren, flexibel of vast. Alles moeten lezen (rtfm) en alles moeten begrijpen.

Honderden begrippen en duizenden meningen. Het bleef nog lang onrustig..

 

 

 

Email this to someoneShare on FacebookShare on LinkedInTweet about this on TwitterPrint this pageShare on Google+
Ondernemingsraad-pensioen

AOW Franchises 2015

AOW-franchises (bedragen in euro’s)

Enkelvoudig gehuwd

Gehuwd met maximale toeslag

Ongehuwd

Middelloon

Eindloon

Middelloon

Eindloon

Middelloon

Eindloon

01-01-2015

12.642

14.305

25.284

28.610

18.489

20.921

De AOW-franchises voor middelloonregelingen voor 2015 zijn berekend door de AOW-uitkering te vermenigvuldigen met de factor 100/75. De AOW-franchises voor eindloonregelingen voor 2015 zijn berekend door de AOW-uitkering te vermenigvuldigen met de factor 100/66,28.De franchisebedragen zijn afgestemd op een in 40 jaar op te bouwen ‘vol’ ouderdomspensioen van 75% van het gemiddelde pensioengevend loon. Bij toepassing van deze franchisebedragen in een pensioenregeling wordt voor de jaarlijkse pensioenopbouw ten minste rekening gehouden met het voor het toetsen van de fiscale maxima in aanmerking te nemen evenredige gedeelte van de AOW-uitkering.

Hieronder treft u de franchises in voorafgaande jaren. (meer…)

Email this to someoneShare on FacebookShare on LinkedInTweet about this on TwitterPrint this pageShare on Google+
Ondernemingsraad-pensioen

Pensioenopbouw voor McOma

Achter de balie van McDonald’s zal binnenkort steeds vaker een 67-plusser te vinden zijn. Die AOW-plussers zijn immers lekker goedkoop. Deze gepensioneerden krijgen immers AOW en wellicht een (te) klein pensioen en zullen dan al snel een laag loon accepteren. Dat is niet erg voor ze. Netto houden ze er immers, door de lagere belasting tarieven, meer aan over. Bij ziekte hoeven ze maar 6 weken worden doorbetaald en daarna ben je er als werkgever vanaf. Iedereen blij?

Inmiddels begint de kritiek aan te zwellen. Natuurlijk mopperen de vakbonden want “de jongeren” krijgen geen kans om in te stromen. Maar ook de Raad van State vindt het maar een voorstel van niks.

De werkgever mag immers het arbeidscontract van werknemer gewoon opzeggen op de AOW leeftijd. Daar is geen toestemming van het UWV voor nodig. Maar de werkgever kan ook kiezen voor een afwijkende “pensioenleeftijd” in zijn arbeidsovereenkomst op te nemen. Zolang het maar een objectieve rechtvaardigingsgrond heeft. Dat zou geen problemen geven met de Wet Gelijke behandeling, denkt het kabinet. Ik geloof er niets van.

Iemand ontslaan vanwege het enige feit dat een werknemer een bepaalde leeftijd heeft gehaald, is niet meer van deze (juridische) tijd. Zeker niet nu het argument dat dit een maatschappelijk belang zou dienen steeds minder valide is. Ook de ruimte die er aanwezig is om creatief als werkgever een “objectief rechtvaardige”pensioenleeftijd op te nemen, zal een juridisch mijnenveld worden.

Ik verwacht nog een ander probleem. Die werkgever, die na het ontslag werknemer A daarna wel een nieuwe arbeidsovereenkomst aanbiedt terwijl die andere werknemer gewoon thuis mag blijven, kan snel rekenen op een gang naar de rechter.

Komt de juridisch ellende niet uit Nederland dan zal Europa zich er ongetwijfeld tegenaan bemoeien. Maar ook de ondernemingsraad kan interesse hebben in dit onderwerp.

En hoe zit het met pensioenopbouw na 67 jaar? Natuurlijk mag er gewoon pensioen worden opgebouwd na de AOW-leeftijd. Een pensioenleeftijd van 70 jaar lijkt me een interessant plan. Of 75 jaar? Er is dus gewoon pensioenopbouw mogelijk voor McOma. Een verlengde opbouw na 67 jaar is dus best goed af te spreken in een pensioenregeling. Kleine probleempjes rondom het partnerpensioen zijn met goed overleg bij de verzekeraar op te lossen. Ook de Belastingdienst moet nog even een paar nieuwe premietabellen maken. (meer…)

Email this to someoneShare on FacebookShare on LinkedInTweet about this on TwitterPrint this pageShare on Google+
Ondernemingsraad-pensioen

8 nadelen van de 3% netto staffel

Het wijzigen van een 4% beschikbare premiestaffel naar een 3% netto staffel is een populaire manier van verzekeraars om de hoogte van pensioenpremies praktisch ongewijzigd te laten. De offertes van verzekeraars rollen momenteel in grote hoeveelheden “volledig geautomatiseerd” via de adviseurs naar de werkgevers toe. Onderaan tekenen bij het kruisje dan komt alles goed. Toch?

Er zijn helaas forse nadelen verbonden aan de 3% netto staffel. Niet alleen voor werkgevers maar ook voor deelnemers.

  1. De lagere rekenrente van 3% betekent dat er hogere premies zullen worden betaald door werkgevers terwijl het juist maatschappelijk de bedoeling was de opbouw van pensioen te beperken en de pensioenlast te verminderen. Het voordeel voor de overheid, werkgevers (en uiteindelijk) de werknemers verdwijnt zo als sneeuw voor de zon.
  2. Bij een 3% netto afgevlakte staffel wordt relatief meer premie betaald voor jongeren dan bij de 4% staffel. Wie gaat de oudere deelnemer compenseren?
  3. Bij een wijziging van een pensioenregeling moet elke werknemer toestemming worden gevraagd. Geen enkele werkgever zit immers te wachten op toekomstige rechtszaken omdat een individuele werknemer vindt dat hij of zij er met de nieuwe 3% netto staffel op achteruit is gegaan.
  4. Bij het kiezen voor een 3% netto staffel zal een uitgebreid adviestraject moeten worden gevolgd. De extra kosten komen voor rekening van de werkgever.
  5. Er is nog een creatieve oplossing bedacht door gewoon de oude 4% staffel te gebruiken. Ook wel verhoogde 4% staffel genoemd. Je wijst de belastingdienst er dan fijntjes op dat de premies niet hoger zijn dan de fiscaal acceptabele premiepercentages van de 3% netto staffel.  Dit alles doet echter niets af aan de meeste van 3% netto-staffel nadelen. Ook bieden niet alle verzekeraars deze oplossing aan. Er lijkt ook nog een probleem te zijn met een mogelijke kans op leeftijdsdiscriminatie. Een waar fiscaal en juridisch mijnenveld dus.
  6. Er moet bij een 3% netto staffel periodiek een toetsing plaatsvinden op bovenmatigheid bij Life-events. Voorbeelden zijn de ingangsdatum van de pensioenregeling en iedere wijziging ervan, maar ook het moment vlak voor de ingangsdatum van het pensioen dat tot uitkering gaat komen.
  7. Is er bovenmatigheid dan is de consequentie dat het aanwezige overschot terug moet worden gestort aan de pensioenuitvoerder/verzekeraar. De deelnemer of de werkgever profiteert er niet van.
  8. De basisverschillen tussen een middelloon- en eindloonregelingen (DB) en een beschikbare premieregeling (DC) worden vergroot. Een DB regeling heeft immers een vast nieuw opbouw percentage van 1,875% en kent de luxe niet te switchen van een 4% naar een 3% staffel. Het blijft vreemd dat de overheid zich wel uitslooft met `flankerend beleid` om de pensioenfondsen te verplichten de pensioenverlaging door te berekenen maar weinig oog heeft voor het actuariële gegoochel bij beschikbare premiestaffels. Dat kan vast niet de bedoeling zijn dus aanpassingen zullen weer rap volgen. Resultaat; meer onzekerheid, meer wijzigingen en meer kosten.

Nu een foute keuze maken als werkgever betekent een aansprakelijkheidsrisico van vele jaren en extra herstelkosten. Het worden 3 spannende maanden.

Email this to someoneShare on FacebookShare on LinkedInTweet about this on TwitterPrint this pageShare on Google+
Ondernemingsraad-pensioen

Wat is de Life Events toets bij 3% netto staffel?

Pensioenverzekeraars zullen de komende maanden o.a. de bestaande beschikbare premie pensioenregelingen van werkgevers gaan toetsen of ze nog wel fiscaal acceptabel zijn in 2015.

Ze gaan dan eerst toetsen of de pensioenregelingen binnen de normale” 4% staffels vallen. Is dat niet het geval dan zullen de meeste pensioenverzekeraars gaan toetsen op een 3% netto staffel. De percentages die daar genoemd worden zijn een afgeleide van een middelloonregeling met een 3% levenslang geïndexeerd oudedagspensioen. Zie Tabel 4 tweede kolom.

Die staffel loopt tot 67 jaar lekker door naar 31,5% dus bij de meeste pensioenregelingen zullen de premies slechts beperkt worden verlaagd. Verzekeraars blij, deelnemers blij en vaak ook de werkgever.

Maar let op!

In de pensioenregeling moet zijn bepaald dat het pensioen zowel per jaar als in totaal niet uitgaat boven een fiscaal maximaal middelloonpensioen. Dat wordt steeds getoetst bij zogenaamde Life-events. De toetsing op bovenmatigheid bij Life-events zijn;

  1. de ingangsdatum van de pensioenregeling en
  2. iedere wijziging ervan, maar ook
  3. het moment vlak voor de ingangsdatum van het pensioen dat tot uitkering gaat komen;

Blijkt er wel bovenmatigheid te zijn dan is overigens de enige consequentie dat het aanwezige overschot terug moet worden gestort aan de pensioenuitvoerder. Het risico dat dit gebeurt, is, mede door het veelvuldig gebruik van Life-cycle beleggingen, praktisch nihil. Verzekeraar nemen natuurlijk wel altijd, als er gekozen gaat worden voor een netto 3% staffel, een clausule op in het pensioencontract.

 

Email this to someoneShare on FacebookShare on LinkedInTweet about this on TwitterPrint this pageShare on Google+
Ondernemingsraad-pensioen

Meer, meer, meer pensioencommunicatie.

Er is een nieuw wetsvoorstel over pensioencommunicatie. Volgens Klijnsma is de huidige verplichte pensioeninformatie niet goed. Het moet meer, beter en completer.

Met de nieuwe wet wil Klijnsma bereiken dat burgers niet op een verkeerd been worden gezet. Wetsvoorstel-pensioencommunicatie.

Het opnieuw herschrijven van alle teksten zal geen effect hebben op het financiële bewustzijn rondom pensioen. De enige wijze om dat te bereiken zal gedegen financieel onderwijs zijn. Hier mijn bijdrage aan de pensioenconsultatie die vooraf ging aan dit wetsvoorstel. Gerrit-Jan Doorneweerd

 

Email this to someoneShare on FacebookShare on LinkedInTweet about this on TwitterPrint this pageShare on Google+
Ondernemingsraad-pensioen

Een pensioenadviseur tender

Het uitschrijven van een tender door een pensioenadviseur kan voor werkgevers een aantrekkelijke manier zijn om de verschillen tussen de pensioenuitvoerders transparant op een rij te krijgen. De vertegenwoordigers van de pensioenuitvoerders wordt tijdens zo’n tender meestal het hemd van het lijf gevraagd door de werkgever.

Onderbelicht blijft echter de dienstverlening van de pensioenadviseur zelf. Vaak wordt deze specifieke dienstverlening van de adviseur overgeslagen. Alleen de service van de pensioenuitvoerder ligt dan onder het vergrootglas. Een tender voor pensioenadviseurs zou voor werkgevers de moeite waard zijn te overwegen.

 

Een pensioenadviseur tender is nog geen gemeengoed in Nederland. Gezien de stijging van de aansprakelijkheid bij werkgevers voor alle handelingen rondom een pensioencontract, is het goed te weten welke verantwoordelijkheden liggen bij de adviseur en welke bij de werkgever. Een pensioenadviseur tender kan goed inzicht geven in de kwaliteit, kostprijs en dienstverlening van de adviseur.

Even klankborden kan altijd met Gerrit-Jan Doorneweerd.

Email this to someoneShare on FacebookShare on LinkedInTweet about this on TwitterPrint this pageShare on Google+
Ondernemingsraad-pensioen

Controleer de uitvoeringsovereenkomst zorgvuldig

Verzekeraars strooien de laatste tijd met grote hoeveelheden nieuwe uitvoeringsovereenkomsten. Het is, door de wirwar van wijzigingen (Wet VMO en VAP) voor de pensioenreuzen een uitgelezen kans om nieuwe voorwaarden rondom de uitvoering van de pensioenregeling te dicteren aan de werkgevers. We zien maar al te vaak:

…….Gelieve even snel te ondertekenen en de uitvoeringsovereenkomst te retourneren. Liefst binnen veertien dagen…..

Toch is het belangrijk juist op dit moment goed op te letten. Bestudeer de uitvoeringsovereenkomsten zorgvuldig.

  1. Zorg er voor dat de bepalingen in de uitvoeringsovereenkomst synchroon lopen met de afspraken die zijn gemaakt met de werknemers.
  2. Leg voor een extra controle het oorspronkelijke voorstel naast het nieuwe uitvoeringsovereenkomst om verschillen te ontdekken.
  3. Controleer de oude overeenkomst met het nieuwe contract en
  4. wees attent op onredelijke voorwaarden.

Immers de lijst van de pensioenuitvoerder waarbij zij zeggen “Wat wij als uitvoerder van u verlangen” is meestal aanzienlijk langer dan de tekst bij “Wat u van de pensioenuitvoerder mag verlangen”.

Bij discussie over de uitvoering van de pensioenregeling zal de pensioenverzekeraar of het pensioenfonds de uitvoeringsovereenkomst als eerste (juridisch) op tafel leggen. Als een pensioenuitvoerder de werkgever aansprakelijk stelt bij schade, kunnen er achteraf forse financiële gevolgen aan een uitvoeringsovereenkomst vast zitten.

Twijfels of u moet ondertekenen? Bel mij maar even 020-6200825 G.J. Doorneweerd, pensioenadviseur. Vaste tarieven.

Hieronder nog even de uitleg van de uitvoeringsovereenkomst door de Nederlandse Bank. (meer…)

Email this to someoneShare on FacebookShare on LinkedInTweet about this on TwitterPrint this pageShare on Google+
Ondernemingsraad-pensioen